Veel mensen vinden het maaien van bermen en graslanden doodzonde. Dan verdwijnen bloemen en planten voor bijen, vlinders en andere insecten. Het is tijd om het tij te keren: er moet weer meer ruimte komen voor verwilderde veldjes, wilde bloementuinen en bloemenweides. Zo niet, dan verdwijnen, samen met de bloemen, de insecten straks helemaal. Tips om zelf een bloemenweide aan te leggen.

Aan de slag voor bijen en vlinders

Wie zelf iets wil doen voor insecten, kan (een deel van) de tuin omtoveren tot bloemenweide. Dit kan het begin zijn van een nieuw ecosysteem met bijen, zweefvliegen, vlinders en libellen. En zo’n veld trekt ook andere dieren aan, zoals muizen, egels, zaadetende zangvogels en vogels die op hun beurt weer leven van de aanwezige insecten. Als het bloemenmengsel bestaat uit inheemse soorten die in het gebied thuishoren, stimuleer je de biodiversiteit en blijft het niet alleen bij ‘kijkgroen’.

Akkerkruiden geven het mooie bekende plaatje met klaprozen en korenbloemen.

Stap 1: kies welke wilde planten je wilt

Voor een bloemenweide kun je kiezen uit twee soorten plantgroepen. Je gaat voor een meerjarige bloemenweide of een eenjarige.

  1. Vaste planten ofwel graslandplanten doen er langer over om tot volle bloei te komen. Deze plantgroep heeft een lange bloeistengel die boven grassen uitsteekt. Denk aan knoopkruid (Centaurea jacea), margriet (Leucanthemum), duizendblad (Achillea millefolium) of paardenbloemen (Taraxacum). Het eerste jaar heb je nog geen knallende kleurenpracht op je veld. Voordeel is wel dat deze planten elk jaar terugkomen en je dus meerdere jaren geen nieuw zaad hoeft in te zaaien.
  2. De tweede optie is die van het prachtige plaatje mét snel resultaat: een veld vol korenbloemen (Centaurea cyanus), klaprozen (Papaver), kaasjeskruid (Malva) en kamille (Matricaria). Dit zijn akkerkruiden, die na zaaien in het voorjaar datzelfde seizoen nog tot uitbundige bloei komen. Nadeel is dat dit veld na één of twee jaar klaar is en je opnieuw aan de slag moet met inzaaien. Zaai je niet opnieuw in, dan zie je ervoor in de plaats graslandplanten tevoorschijn komen.

Met graslandplanten duurt het wat langer voordat je bloemen hebt, maar het is een walhalla voor insecten.

Stap 2: bepaal je grondsoort en verwijder plantresten

Om te beginnen met je bloemenweide, onderzoek je eerst welke grondsoort je hebt. Een weide met wilde bloemen die je weinig onderhoudt, groeit goed op een schrale/arme of matig voedselrijke bodem. Dus zand- en leemgrond zijn zeer geschikt, maar kleigrond is een minder goede bodem om te starten. Dit kan wel, alleen duurt het verschralen bij deze grondsoort langer. Ook is het belangrijk dat de bloemenweide in de (volle) zon komt te liggen, zodat de diverse bloemen goed tot bloei kunnen komen. Overigens zijn er ook mengsels voor bloemen die een deel van de dag in de schaduw kunnen staan, zoals ridderspoor (Delphinium), korenbloem of duizendblad. Het gekozen stuk(je) grond in de tuin maak je eerst vrij van wat er staat. Dus onkruid en gras verwijder je helemaal alvorens je gaat inzaaien, dit verschraalt de grond. Gele of witte mosterd (Sinapis alba) wil nog weleens helpen de grond sneller te laten verschralen. Haal deze plant later weer weg als ze volgroeid zijn en ze hun taak hebben volbracht.

Roze cosmea’s (Cosmos) geven een vrolijk uitzicht.

Stap 3: start met bloemenzaad inzaaien

Wanneer je een bloemenweide aanlegt? Je start met inzaaien tussen eind maart en half mei of in september. Kies een bloemenweidezaad, kruidenmengsel of bloemzaadmengsel naar wens en start met inzaaien. Zowel een eenjarige als een meerjarige bloemenweide heeft er baat bij als je de eerste twee jaar achter elkaar opnieuw inzaait. Het zaad strooi je ongeveer 3-4 cm diep en hark je na strooien licht in, zodat de zaadjes niet bloot liggen. Anders krijg je bezoek van vogels. Hoeveel bloemenzaad je per m2 nodig hebt, is afhankelijk van het soort zaad of mengsel dat je kiest. Een vuistregel is ongeveer 3-4 gram per m2. Kijk voor verdere aanwijzingen op de verpakking. Sproei je ingezaaide veld geregeld, zeker bij droog weer. Daarna is het een kwestie van afwachten tot de eerste sprietjes de grond uitkomen. Tip: bij een meerjarige bloemenweide is het aan te raden in juli en in het late najaar nog eens te maaien.

Madeliefjes zullen een van de eerste bloemetjes zijn die je tevoorschijn ziet komen in je gras.

Bloemenweide zonder inzaaien kan ook

Een bloemenweide voor bijen en insecten kun je ook kweken zonder inzaaien op je bestaande gazon. Dit is een klus die meer geduld vergt omdat je de grond stap voor stap verder laat verschralen. Het eerste jaar is een kwestie van investeren. De bodem zit dan meestal nog vol voedingsstoffen, zodat het gras snel zal groeien en de rest overwoekert. Hoe vaker je maait, hoe sneller de grond verschraalt. Als je een bloemenweide wilt hebben, maai je het eerste jaar het gras pas als het zo’n 20 cm hoog is. Maai zeker drie tot vijf keer per jaar. Haal steeds na elke maaibeurt het maaisel meteen weg van je gazon en maai – als je bloemenweide vorm begint te krijgen – vooral niet te vaak. Je zult zien dat het gras vanaf het tweede jaar al een stuk minder snel groeit en er meer bloemen verschijnen. Maai dan nog twee keer per jaar, in de zomer en in het najaar.