Rozen horen bij de zomer en de liefde. Er zijn vele soorten en kleuren; elke variant heeft zijn favoriete plek waar hij het beste uitkomt. Door elk jaar je rozen te snoeien, stimuleer je de plant nieuwe bloemscheuten te maken. Tip: geef je rozen wat liefde door op zijn tijd een handje mest, water en een snoeibeurt te geven. Dan bloeit je roos in eigen tuin prachtig op.

Zorg voor voedselrijke grond

Rozen zijn sterke planten en honkvast. Als ze eenmaal goed geworteld zijn, kunnen ze jaren blijven staan op dezelfde plek. Het maken van de geurende bloemen kost wel wat energie. Ze groeien het beste op vruchtbare grond, bijvoorbeeld kleigrond. Mest blijft goed ‘hangen’ aan deze grond, dus zorg ervoor dat die in het bloeiseizoen voldoende beschikbaar is. Zandgrond is minder voedselrijk. Meng rozengrond, compost, of – als je eraan kunt komen – verteerde stalmest door het pootgat. Dit moet je blijven herhalen. Zo wordt de bodem voedselrijk.

Tips om rozen in je tuin te snoeien – Tuinieren met Buitenleven
Rozen groeien het beste op vruchtbare grond, zoals kleigrond.

De juiste roos op de juiste plek

Een roos uitkiezen lijkt zo moeilijk, er bestaan wel honderd verschillende soorten en kleuren. Hoe kies je de roos die bij je past? Bedenk eerst waar de roos komt te staan. Rozen zijn ingedeeld in groepen die elk een eigen toepassing hebben.

  • Klim- en leirozen: ideaal tegen een muur, schutting, terrasoverkapping, rozenboog of pergola.
  • Ramblerrozen: groeien metershoog graag in bomen. Plant ze aan de voet van een oude fruitboom; met hun doorns klimmen ze zelf omhoog tussen de takken.
  • Struikrozen, trosrozen en Engelse rozen: perfect in een border met vaste planten.
  • Bottelrozen en botanische rozen: zijn in een moestuin of natuurlijke tuin ideaal. Na de bloei groeien er rozenbottels aan, lekker in de jam of voor de vogels.
  • Patiorozen en trosrozen: heel geschikt voor potten en plantenbakken.
  • Botanische rozen: perfect voor een ondoordringbare heg. Bijkomend voordeel is dat deze soort vaak heerlijk geurt en prachtige rozenbottels maakt.
  • Bodembedekkende rozen: blijven kniehoog en kruipen over de grond. Onkruid krijgt geen kans om tussen de rozen door te groeien.
  • Wist je dat er ook rozen beschikbaar zijn met kale wortels? Deze zijn door kwekers opgekweekt in de volle grond en niet in een pot. Lees meer over rozen met kale wortels planten.

Rosa pimpinellifolia ‘Plena’ valt onder de botanische of bottelrozen.

Rozen planten in het najaar of voorjaar

Gedurende een lange periode in het jaar kun je rozen planten. De ideale tijd om rozen te planten is het diepe najaar, in oktober of november. De grond is dan nog warm zodat de plant goed kan wortelen. In het voorjaar kun je ook planten, en zelfs nog in de winter. Doe dit echter alleen op een moment dat het niet vriest. Wil je pas na april aan de slag, dan kun je beter even wachten tot het najaar voor een beter moment.

Voorbereiding op het aanplanten

Bereid de komst van de roos goed voor. Bevestig eerst draden of een andere klimhulp voordat je de klimroos plant. Graaf een pootgat van 30 cm breed en 50 cm diep. Kom je onderweg een harde laag tegen, spit deze dan los. Zo kan de roos straks goed diep wortelen en blijft er geen water staan in het pootgat. Natte voeten, daar houdt de roos niet van, vooral niet in de winter. Vul het gat op met rozengrond, compost of speciale rozenbodemverbeteraar. Schud met de plant, zodat de grond goed tussen de wortels komt en druk de grond voorzichtig tegen de kluit of wortels. Plant de entplaats een paar centimeter onder de grond.

Zorg dat het pootgat 30 cm breed en 50 cm diep is voordat je je roos erin plant.

Geef rozen zon, wind en ruimte

Ga je planten, let er dan op dat je rozenplanten dan de ruimte geeft. Ze houden van zon, maar ook van wind. Het blad moet snel kunnen opdrogen na een regenbui en de wind moet erdoorheen kunnen waaien. Op droog blad krijgen schimmels en ziektes minder kans (bekijk wat je tegen luizen kunt doen). Houd deze plantafstand aan:

  • Patiorozen: 25 cm
  • Grootbloemige rozen: 40 cm, 5 per m2
  • Bodembedekkers: 50 tot 60 cm, 3 per m2
  • Klimrozen: 2 m uit elkaar
  • Ramblerrozen 4 m uit elkaar
  • Heesterrozen: 80 cm tot 1 m uit elkaar
  • Haag: twee planten per strekkende meter

Rozen snoeien - Tuinieren Buitenleven
Snoei je rozen tussen half maart en half april voor een volle bloei enkele maanden later.

Wanneer kun je oude of uitgebloeide rozen snoeien?

Rozen bloeien op jonge takken. Door elk jaar te snoeien, stimuleer je de plant om nieuwe bloemscheuten te maken. Nooit of niet snoeien zorgt voor verhouten: dikke takken die niet of nauwelijks bloeien. Deze tuinplanten reageren goed op snoeien. Zelfs een oude, verwaarloosde rozenstruik zal na een snoeibeurt en een handje mest weer uitlopen en rijk bloeien. Elke rozengroep heeft zijn eigen aandachtspunten bij het snoeien. Frans Neuman, rozenkweker bij Belle Epoque in Aalsmeer, adviseert: “Snoei rozen na half maart, als de kans op zware vorst voorbij is. Soms lopen rozen al uit in februari, wacht dan toch met snoeien tot half maart. Het lijkt jammer om wat verse scheuten weg te moeten snoeien. Toch doen, want na een paar weken zie je het resultaat van je snoeiwerk: allemaal frisse scheuten met bloemknoppen.” Maart is dus de belangrijkste snoeitijd; de rozen bloeien ongeveer drie maanden later, begin/half juni. Maar geen paniek als je niet eerder dan begin april tijd hebt om je rozen te snoeien. De bloei is dan wat later.

Rozen snoeien - Tuinieren Buitenleven
Wil je een bloeiende rozenstruik? Dan is het goed om vanaf half maart te gaan snoeien.

Rozen snoeien doe je zo

Voor alle rozen zijn er basis snoeiregels. Die zijn voldoende voor soorten als trosrozen, patiorozen en Engelse rozen.

  • Snoei tussen half maart en half april.
  • Gebruik een scherpe, schone snoeischaar. Een botte of vuile schaar kan de takken beschadigen.
  • Knip eerst de dode, bruine takken en alle dunne takjes weg.
  • Kruisende takken die tegen elkaar schuren knip je weg.
  • Breek ‘wilde’ scheuten (recht omhoog en snelgroeiende takken met veel doorns) weg. Als je ze wegknipt, groeien er meteen weer nieuwe wilde scheuten uit.
  • Probeer een goed geraamte van vijf grote houttakken te laten zitten en knip die op ongeveer drie of vier ogen af.
  • Zorg dat het hart van de struik open blijft. Knip net boven een ‘buitenoog’ (een uitlopende knop noem je een oog), dan groeit de tak naar buiten. Een ‘binnenoog’ wijst naar de binnenkant van de struik.
  • Geef de net gesnoeide rozen meteen organische (rozen)mest. Kijk op de verpakking voor de juiste dosering.

Heb je veel rozen in de tuin staan? Ben creatief en probeer eens rozenwater te maken van de blaadjes.

3/5 - (1)